We zijn blij om te kunnen melden dat 20 projecten financiering ontvangen uit het ‘Fonds Duurzamer Onderzoeken’ om hun onderzoekspraktijken duurzamer te maken. Nog eens 20 projecten hebben financiering toegekend gekregen vanuit de subsidieoproep ‘Transformatieve werkwijzen en processen voor klimaattransities’. Beide oproepen zijn afgelopen najaar geopend onder de programmalijn ‘Wetenschap in transitie’, van het KIN en NWO. Voor beide oproepen konden aanvragen worden ingediend voor maximaal € 50.000.
Onderzoek draagt bij aan kennis over duurzaamheid, maar hoe maken we de onderzoekspraktijk zelf duurzamer? De twintig projecten die financiering ontvangen uit het ‘Fonds Duurzamer Onderzoeken’ pakken dit op verschillende manieren aan; van onderzoek naar het duurzamer maken van generatieve AI tot het ontwikkelen van besluitvormingsinstrumenten voor bewuster academisch vliegen (of helemaal niet). Met de subsidie ‘Transformatieve praktijken en processen voor klimaattransities’, wil het KIN klimaatkennis uit wetenschap en praktijk beter op elkaar afstemmen door transformatieve methoden en processen die wetenschap en praktijk samen ontwikkelen verder te brengen, te testen en op te schalen. Ontdek alle gesubsidieerde projecten via de uitklapmenu’s hieronder.
Binnen de programmalijn ‘Wetenschap in Transitie‘ kijken KIN en NWO naar nieuwe manieren van samenwerken, onderzoek doen en financieren, maar ook naar werkwijzen en processen die de dialoog tussen wetenschap en praktijk faciliteren zodat transformatieve oplossingen kunnen ontstaan die de nodige transities versnellen.
Ontdek welke aanvragen zijn gehonoreerd
(op alfabetische volgorde van projecttitel)
Behavioral Interventions for Sustainable Science
dr. E. van der Werff, N Elzinga, dr. M.M. Lerch (RUG)
Onderzoekers werken aan het verbeteren van de staat van onze planeet, bijvoorbeeld door klimaatverandering en de energietransitie te bestuderen. Echter, het doen van onderzoek heeft een aanzienlijke en vaak genegeerde impact op het milieu. Denk aan afvalproductie en een hoog energieverbruik. Dit project helpt onderzoekers hun milieu-impact te verminderen. We richten ons op scheikundigen, maar kunnen eenvoudig
uitbreiden naar andere vakgebieden. We ontwikkelen een online tool waar teams duurzaamheidsdoelen kunnen stellen en we voorzien onderzoekers van ambassadeurstoolkits om collega’s en hun organisatie te inspireren milieuvriendelijker te werken.
Clean Data 4 Clean Weather (CD4CW): Sustainable, Open-Access Weather Data monitoring and storage
dr. E. Brembilla, drs. A. Meijer, dr. M.A. Schleiss (TU Delft)
Wat als onderzoek naar klimaatverandering juist bijdroeg aan het verergeren ervan? Weergegevens zijn cruciaal voor onderzoek in allerlei vakgebieden, maar vereisen gespecialiseerde apparatuur en zeer grote dataopslag. Dit kan ook een aanzienlijke milieu-impact hebben, die te vaak onopgemerkt blijft omdat data immaterieel zijn. Dit project levert een open-access, universiteitsbrede weerdata-portal met richtlijnen om de milieu-impact van sensoren en langdurige dataopslag te verminderen, en stimuleert het delen en hergebruiken van meetapparatuur. Bovendien wil het een lokale gemeenschap van weerdata-gebruikers opbouwen en praktische richtlijnen verspreiden die relevant zijn voor onderzoeksinstellingen wereldwijd.
C-SCORE (Carbon Score): Estimating the Carbon Footprint of the Conduct of Clinical Research
M. Nekouei Shahraki, F. I de Haes MSc, N Sperna-Weiland, D Kringos, P.K. Twardowski (Amsterdam UMC)
Klinisch onderzoek is essentieel voor het verbeteren van de gezondheid, maar het veroorzaakt ook een aanzienlijke koolstofvoetafdruk door de activiteiten en middelen die het vereist, wat bijdraagt aan klimaatverandering. Momenteel variëren schattingen van deze emissies sterk, omdat studies verschillende elementen op verschillende manieren meten, waardoor resultaten minder betrouwbaar, moeilijk te vergelijken en minder bruikbaar zijn voor het sturen van reductiestrategieën. C-SCORE is een nieuwe gestandaardiseerde methode om de koolstofvoetafdruk van klinisch onderzoek op een duidelijke en consistente manier te schatten. Wij zullen deze aanpak ontwikkelen en testen en een gebruiksvriendelijke tool creëren om klimaatvriendelijkere beslissingen in klinische onderzoekspraktijk te ondersteunen.
Energy-Conscious Computational Algorithms & Sustainable Science (ECO-COMPASS)
prof. dr. T. van Leeuwen, dr. A Skorikov, (NWO/CWI), dr. B.J.C. van Werkhoven (LEI)
Computers zijn onmisbaar in de wetenschap en grote rekencentra worden dagelijks gebruikt voor simulaties en het analyseren van data. In dit project willen we het energieverbruik, en daarmee de klimaat-impact, van al dit rekenwerk verminderen. We
doen dit door de algoritmen slimmer af te stellen zodat ze efficiënter gebruik maken van de beschikbare rekenkracht een daarmee minder energie gebruiken. Hoewel dit mogelijk ten koste gaat van de snelheid is dat vaak geen probleem. Met de resultaten van dit project kunnen wetenschappers straks beter een afweging maken tussen snelheid, nauwkeurigheid, en energiegebruik.
Fit-for-purpose nitrogen: reducing liquid nitrogen use through local nitrogen generation in research laboratories
dr. C. Niederauer, AK Karsten, NN Noest, dr. IP Palstra, HS Schoenmaker, DU Ursem (NWO-AMOLF)
Veel onderzoeksinstituten gebruiken grote hoeveelheden vloeibare stikstof, terwijl voor veel toepassingen zowel de vloeibare vorm als de ultrahoge zuiverheid niet noodzakelijk zijn. Het vloeibaar maken van stikstof is een energie-intensief proces, omdat stikstof tot extreem lage temperaturen (−196 °C) moet worden gekoeld. Daarnaast vereisen transport en opslag van vloeibare stikstof extra energie en logistiek. Dit leidt tot en aanzienlijke milieubelasting door hoog energieverbruik en bijbehorende CO₂-emissies. In dit project ontwikkelen en testen we een toepassingsgerichte aanpak voor stikstofgebruik, gebaseerd op lokale productie van gasvormige stikstof en duidelijke besliscriteria voor vereiste zuiverheid.
GENAIRE: Generative AI in Research Workflows, Measuring and Reducing Environmental Impact
A. Polyportis, dr. D.G.E. Trottier, dr. Y. Wang (EUR)
GENAIRE ontwikkelt een praktische en laagdrempelige manier voor onderzoekers om de verwachte milieu-impact van generatieve AI in het dagelijkse onderzoekswerk te beoordelen en te verminderen. Het project ontwikkelt en test een digitale planningstool, een checklist en een GENAIRE Receipt, met een optioneel ethiek-addendum, dat onderzoekers helpt te bepalen wanneer genAI-gebruik proportioneel is, keuzes met een lagere milieu-impact te maken en beslissingen te documenteren voor ethische toetsing en datamanagement. De methode wordt ontwikkeld met onderzoekers, de voorzitter van de Research Ethics Review Committee (RERC) en ICT- en duurzaamheidsmedewerkers. De resultaten worden open gedeeld, zodat andere hogeronderwijsinstellingen deze kunnen hergebruiken en aanpassen.
Green AI for Researchers
dr. Q. Zhao (Fontys Hogeschool)
AI transformeert onze samenleving, en dat geldt ook voor wetenschap en onderzoek.
Naarmate AI-modellen complexer worden, groeien hun CO2-voetafdruk en energieverbruik uit tot een belangrijke milieu-uitdaging. Het concept Green AI richt zich op het verminderen van de milieu-impact van AI-technologieën. Er ontbreekt echter een methodologisch kader om deze inzichten te vertalen naar richtlijnen voor onderzoekers. Dit project heeft als doel een framework te creëren waarmee onderzoekers de belangrijkste milieu-uitdagingen kunnen begrijpen bij de inzet van AI-modellen in hun werk, en dat ze in staat stelt om Green AI-praktijken toe te passen ter ondersteuning van hun onderzoek.
GreenNebula – Advancing Sustainable and Responsible Scientific Research Practices in the Era of Generative AI
dr. I. Malavolta, R.A. Apsan, dr. E.B. Beretta (VU)
Nebula is het beveiligde, EU-conforme onderzoeksplatform voor generatieve AI van de Vrije Universiteit Amsterdam. Het faciliteert replicatiestudies, biedt volledige controle over modelinstellingen, en maakt privacybeschermende analyse mogelijk voor sensitieve data. GreenNebula versterkt dit platform door duurzaamheid centraal te stellen. We verminderen ons energieverbruik door het optimaliseren van de inference engine en de softwarearchitectuur, bieden real-time inzicht in de ecologische impact van AI-gebruik, en co-creëren richtlijnen en werkwijzen met onderzoekers. De resultaten omvatten een energie-efficiënte versie van Nebula, open richtlijnen voor duurzame generatieve AI-infrastructuren, een prototype voor duurzame promptoptimalisatie, en een disseminatieworkshop ter bevordering van duurzame onderzoekspraktijken met AI-gebruik.
Impact assessment of laboratory disposables within life sciences research – external validation and optimization of an existing methodology for new contexts outside academic hospital
K Bosgra, prof. dr. S. Kruijff (Universitair Medisch Centrum Groningen), mr. A.M. de Haas MSc (Amsterdam UMC), A.C. Noort (RUG)
Onderzoekslaboratoria hebben een hoge milieuvoetafdruk, grotendeels veroorzaakt door het gebruik van wegwerpproducten. Wij hebben een methode ontwikkeld om vanuit inkoopdata te inventariseren welke wegwerpproducten het meest vervuilend zijn, zodat organisaties gerichter hun impact kunnen verminderen. In dit project willen we de methode die wij binnen universitair medisch centra hebben ontwikkeld contoleren en optimaliseren zodat deze ook toepasbaar wordt bij andere onderzoeksorganisaties met laboratoria. We werken hiervoor samen met onder andere Sanquin, Naturalis en het RIVM. De verbeterde methodes stellen we publiek beschikbaar, om onderzoeksorganisaties te helpen de milieu-impact van hun gebruikte laboratorium wegwerpproducten te monitoren en verminderen.
Implementing SPARKHub for sustainable research: a national pilot study
dr. J.F. Dekkers, dr. T Bouwman, T Freese (RUG), dr. J Sprangers (UMCU)
Wetenschappelijk onderzoek draagt bij aan een betere samenleving, maar kost ook veel energie en grondstoffen en heeft daardoor impact op het milieu. In dit project testen we SPARKHub, een nieuw Europees online platform dat onderzoeksorganisaties helpt om hun milieubelasting beter te begrijpen en te verminderen. We gebruiken SPARKHub bij zes Nederlandse organisaties die actief zijn in medisch, chemisch en diagnostisch onderzoek. Op basis van deze ervaringen geven we praktische adviezen aan onderzoekers, organisaties en financiers om onderzoek duurzamer te maken en SPARKHub breder toe te passen.
Measuring Academic Travel to Enable Policy Evaluation and Emissions Reduction
dr. C. Brick (UvA), NR de Goede (UU), B van Mourink (Stichting Natuur en Milieu)
Wetenschappelijk vliegen veroorzaakt veel uitstoot, maar Nederlandse universiteiten en onderzoeksinstellingen weten vaak niet hoeveel hun medewerkers werkelijk vliegen. Dit project ontwikkelt een praktische manier om rommelige reis- en declaratiegegevens om te zetten in duidelijke schattingen van aantallen vluchten, afstanden en broeikasgasuitstoot. Door wetenschappelijk reizen zichtbaar en vergelijkbaar te maken, helpt het project instellingen om reispatronen te begrijpen en te zien of hun reisbeleid werkt. De methode wordt samen met Nederlandse universiteiten en andere onderzoeksinstellingen ontwikkeld om betere beslissingen over academisch reizen en klimaatimpact mogelijk te maken.
ODECART (Objective DECision framework for Air-based Research Travel)
dr. N. Nesterova (Breda University of Applied Sciences), L. Hulsmann & S. van Toor (The Overview Effect Holding BV), L.S. Jofriet & prof. dr. ir. A.A.J.F. van den Dobbelsteen (TU Delft), E. Khademi, A. Koens & dr. J. Klijs, S. van Toor
Het ODECART-project ontwikkelt een wetenschappelijk onderbouwd en objectief besliskader om vast te stellen wanneer academisch vliegen echt noodzakelijk is. In plaats van individuele afwegingen combineert ODECART ecologische, organisatorische, maatschappelijke en persoonlijke overwegingen in een transparant beslisinstrument. Door dit instrument te testen en te valideren binnen Nederlandse universiteiten helpt het project onnodige vluchten te voorkomen. ODECART ondersteunt eerlijke, consistente en klimaatbewuste reisbeslissingen, terwijl de kwaliteit, waarde en maatschappelijke relevantie van academische samenwerking behouden blijven.
Phoenix – Energy-aware Data Management from Practice to Research
prof. dr. P.L. Lago, mr. ing. M Funke MSc, dr. V. Stoico (VU)
Wetenschap is gebaseerd op kennis, en kennis is gebaseerd op data. Niet alle data is echter noodzakelijk, en ze worden ook niet altijd efficiënt of effectief beheerd. Dit blijkt uit de snelle groei van het energieverbruik in datacenters, met onhoudbare sociaal-milieueffecten. De industrie is begonnen met het toepassen van energiezuinige data-management-tactieken. De wetenschap moet hetzelfde doen. Daartoe combineren we de methoden en resultaten die voortkomen uit de pragmatische aanpak van de industrie en de nauwkeurigheid van academisch onderzoek. We ontwikkelen een geïntegreerde ‘modellerings- en meetmethode’, waarbij we energiezuinige tactieken uit de industrie toepassen en meten op academisch onderzoek.
Plastic and Energy Efficient Single-Cell Research by Scaling Combinatorial Barcoding
dr. M. Bauer (KNAW)
Onderzoek aan afzonderlijke cellen helpt wetenschappers beter te begrijpen hoe weefsels en organenfunctioneren, maar deze technieken verbruiken momenteel veel plastic en energie. In dit project ontwikkelen wij een nieuwe high-throughput single-cellmethode die deze experimenten aanzienlijk duurzamer maakt. Met deze methode kunnen meerdere biologische kenmerken per cel worden gemeten met veel minder materiaalverbruik. We testen de methode op verschillende celtypen en maken deze beschikbaar via de Single-Cell Core van het Hubrecht Instituut, zodat ook andere onderzoekers duurzamer single-cellonderzoek kunnen uitvoeren.
Reducing Energy Consumption in Algorithm Benchmarking (RECAB)
V Volz, dr. K van der Blom (NWO-CWI)
Optimalisatiemethoden helpen bij het oplossen van uiteenlopende problemen, van het vinden van de snelste treinverbindingen tot het bepalen van veiligere kankerbehandelingen. In algoritmisch onderzoek moeten deze methoden grondig worden getest voordat ze in de praktijk kunnen worden toegepast. Dit testen kost vaak veel energie, omdat duizenden rekenintensieve simulaties worden uitgevoerd op high-performance computerclusters. Wij stellen een tool voor die simulatieresultaten opslaat en hergebruikt, zodat onnodige herberekeningen worden vermeden. Dit kan het energieverbruik sterk verminderen en tegelijkertijd de wachttijd voor onderzoekers verkorten.
Rooted Remotely: Sustainable Methods for Place-Based Research
F.W. Melissen, M.D. Brinkman-Staneva MSc, E de Groot, dr. J. Klijs (Breda University of Applied Sciences)
Wetenschappers vliegen de wereld over om lokale gemeenschappen te onderzoeken en te helpen verduurzamen. Maar al dat vliegen is slecht voor het klimaat. En is het eigenlijk wel logisch dat buitenlandse experts bepalen wat er onderzocht wordt, terwijl lokale kennis onderbenut blijft? Het project “Rooted Remotely” zoekt naar nieuwe manieren van samenwerken. Niet de westerse onderzoeker die invliegt en de dienst uitmaakt, maar internationale én lokale partners die samen onderzoek opzetten, uitvoeren en de resultaten delen. Gelijkwaardig, en zonder de vliegtuigreizen. We ontwikkelen en testen concrete methoden die andere onderzoekers wereldwijd kunnen gebruiken.
STEAMLESS: Sustainable Treatment: Energy-Aware Methods for Low-Energy Sterilization Substitution
prof. dr. ir. J.G. Daran (TU Delft)
Dit project heeft als doel microbiologische laboratoria duurzamer te maken door het energieverbruik voor het steriliseren van microbiële biomassa te verminderen. We zullen het energieverbruik van conventionele sterilisatie meten en onderzoeken of het combineren van hoge temperatuur en toepassen van melkzuur als alternatief kan dienen voor het afdoden van biomassa. Alle resultaten, inclusief protocollen, data en trainingsmaterialen, worden openbaar gedeeld, ter ondersteuning van veiligere, groenere en kostenefficiëntere laboratoriumpraktijken wereldwijd.
Sustainable by Design: Embedding Sustainability and Workforce Capacity in Health Innovation
E.M.E. Bos (UMC Amsterdam), prof. dr. J.E. Bosmans (VU), prof. dr. J. de Mast (UvA), N Sperna-Weiland (Amsterdam UMC)
Ons project ontwikkelt een nieuwe methode om medische innovaties te evalueren door klinische waarde, kosten en milieu-impact te combineren. Het sluit aan bij de toenemende erkenning door het Ministerie van VWS en Zorginstituut Nederland, dat milieu-impact en inzet van personeel moeten meewegen bij beslissingen over welke medische procedures worden toegepast en vergoed. Wij integreren Life Cycle Assessment (LCA) met Health Technology Assessment (HTA) om energiegebruik, materialen, afval en personeelsinzet te meten. Met robotchirurgie voor myomectomie (verwijderen van vleesbomen uit de baarmoeder) als eerste casus-studie ontwikkelen wij een schaalbare methodologie die duurzamere zorgbeslissingen ondersteunt, voordat nieuwe technologieën breed worden ingevoerd.
The ULTRA-SAFE study: Ultra Low Temperature storage of Reagents: Assessment of Stability After FrEezing
prof. dr. A.C. Heijboer, mr. A.M. de Haas MSc (Amsterdam UMC)
Laboratoria gebruiken ultra-lage temperatuur (ULT) vriezers om biologisch en chemisch materiaal, zoals cellen en chemicaliën, veilig op te slaan. Deze vriezers staan meestal op –80°C en verbruiken veel stroom: evenveel als één tot drie huishoudens per jaar. Wij onderzoeken systematisch of materiaal uit biologische, chemische en biomedische laboratoria ook veilig bij –70°C kan worden opgeslagen. Dat bespaart ongeveer 30% energie. Als veel Nederlandse laboratoria overstappen, kan dit miljoenen kWh stroom en bijna 2 miljoen kilo CO₂ per jaar besparen, zonder verlies van onderzoekskwaliteit. Resultaten worden openbaar gedeeld om duurzame keuzes wereldwijd te ondersteunen.
Training Sustainable Research Practices: An Ethics- and Intervention-Oriented MOOC for PhD Researchers
M.R. Drury MA, MM Aarnikoivu, T. Freese, T. Spits (RUG)
Promovendi spelen een belangrijke rol in wetenschappelijk onderzoek, nu en in de toekomst, inclusief de maatschappelijke en ecologische impact. Het beoogde doel en product van dit project is een open online cursus voor STEM-promovendi waarin duurzaamheid als ethisch vraagstuk in de dagelijkse onderzoekspraktijk wordt benaderd. Deelnemers leren om duurzaamheidsknelpunten in hun eigen onderzoek te herkennen en om haalbare interventies te ontwerpen die impact verminderen. De combinatie van ethische reflectie, praktische tools en realistische voorbeelden in deze cursus stimuleren promovendi tot een actieve bijdrage aan duurzamer onderzoek, binnen en tussen instellingen. Dit zonder afbreuk te doen aan kwaliteit, veiligheid en wetenschappelijke integriteit.
Accelerating Energy Transitions by Recognizing the Potentials and Resilience of Superdiverse Urban Cultures
dr. C.A. Benitez Avila (TU Delft), Sir AF Furtado (Concrete Blossom)
Stedelijke interventies slagen er vaak niet in om een eerlijke klimaattransitie te realiseren, omdat sponsors niet in staat zijn om de veerkrachtige capaciteiten van superdiverse steden, gevormd door migratie, te herkennen of te benutten. Dit project ontwikkelt een trainingsmethode voor sponsors van energietransitieprojecten en ondernemers om (1) culturele misvattingen te overwinnen die sponsors van energietransitieprojecten ervan weerhouden om samen te werken met superdiverse
buurten, en (2) mogelijkheden te benutten om transitiedoelen te verwoorden in stedelijke ontwikkelingsprocessen die het transformatieve potentieel en de veerkracht van migranten- en diasporaculturen herwaarderen.
Amelisweerd: Towards Multispecies Justice
dr. K. Driscoll (UU), M.A.P. Nooren (Marieke Nooren Projecten), dr. P.C. Sánchez-de Jaegher (UU), E.D.K. Vermijs (Studio Elmo Vermijs)
Amelisweerd: Towards Multispecies Justice is een transdisciplinair, praktijkgericht onderzoeksproject dat multispecies assembly (‘samenkomst der soorten’) verkent en verder ontwikkelt als een vernieuwende methode voor klimaattransities. Met het politiek bevochten landschap van Amelisweerd bij Utrecht als casus brengt het project onderzoekers, kunstenaars, juristen, activisten en lokale betrokkenen samen om te experimenteren met vernieuwende collectieve gespreksvormen waarin ook meer-dan-menselijke perspectieven een plek krijgen. Het project bouwt voort op inzichten uit de environmental humanities, inheemse en dekoloniale denktradities en kritische pedagogiek, en benadert multispecies assembly als een participatieve methode én als ruimte voor gezamenlijk (ont)leren over rechtvaardigheid, representatie en samenleven tussen soorten.
Climate Adaptive Futures NL: Shaping Climate-Resilient Urban and Health Futures Through Transdisciplinary Foresight
dr. M.V. Tietschert PhD MSc (EUR), dr. P De Best (Erasmus MC), dr. M.J.J. Schrama (UL), dr. R.S. Sikkema (Erasmus MC)
Klimaatverandering veroorzaakt in Nederlandse steden uitdagingen door toenemende temperaturen (hitte), extreme neerslag en een stijgende zeespiegel, waardoor infrastructuur, gezondheid en leefbaarheid onder druk komen te staan. Deze complexe uitdagingen vragen om systemische, toekomstgerichte verandering in plaats van incrementele aanpassingen binnen afzonderlijke sectoren. Toch worden stadsinrichting, klimaatadaptatie en publiek gezondheidsbeleid vaak sectoraal ontwikkeld, wat integrale transities belemmert met risico op onbedoelde gezondheidseffecten. Voortbouwend op het bestaande transdisciplinaire netwerk ClimateHUB Rotterdam, past Climate Adaptive Futures NL foresight toe als transitiemethode om lange-termijnscenario’s te verkennen en praktijkgerichte handelingsperspectieven te ontwikkelen. De aanpak wordt gevalideerd in Rotterdam en vertaald naar een open-access toolkit.
Cultivating Relationships with Loss in Transitions: A Portfolio Approach to ‘Spaces for Letting Go’
dr. K.B. Bogner (UU), FC Coops (&Coops)
Dit project onderzoekt hoe gemeenschappen productief kunnen omgaan met verlies tijdens duurzaamheidstransities. In plaats van rouw te zien als iets om te overwinnen, vragen we: hoe kunnen transitiemakers duurzame relaties opbouwen met loslaten terwijl ze handelingsvermogen behouden? In drie kustcontexten, Curaçao, Nederland en het VK—ontwerpen we samen met gemeenschappen ‘spaces for letting go’. Door te experimenteren met cultureel-specifieke rituelen en praktijken, ontwikkelen we praktische portfolio’s die practitioners in hun eigen contexten kunnen gebruiken. Deze aanpak erkent dat rechtvaardige transities emotioneel en cultureel werk vragen, niet alleen technische oplossingen, en dat verlies ongelijk verdeeld is over gemeenschappen.
Developing a transformative method for climate-oriented legal practice: A pilot of the Dutch Law & Climate Atlas
D. Hoekzema (Stichting Recht voor Klimaat)
Juristen hebben grote invloed op hoe snel en effectief de samenleving verduurzaamt, maar missen vaak houvast om klimaat- en duurzaamheidsvragen goed te vertalen naar hun dagelijkse werk. Dit project ontwikkelt en test een praktische methode om per rechtsgebied zichtbaar te maken waar het recht helpt, waar het knelt en waar kennis ontbreekt. De aanpak is geïnspireerd op de Britse Law & Climate Atlas en wordt uitgeprobeerd in een pilot. De uitkomsten worden openbaar beschikbaar via een Nederlandse Atlas en vormen een basis voor verdere groei, actualisering en blijvende toepassing in onderwijs en praktijk.
Emotional dynamics and decision-making in Zoöps
prof. dr. K. Kwastek (VU), K.J. Kuitenbrouwer (Stichting het Zoönomisch Instituut), drs. A. Smits MA (Stichting Zone2Source)
Dit project evalueert de rol van emoties binnen Zoöps, met de focus gericht op Zoöp Amstelpark. Elke organisatie die het Zoöp-model aanneemt en het Zoöp-contract ondertekent, is een Zoöp. In een Zoöp worden de belangen van niet-mensen (dieren, planten) actief vertegenwoordigd in besluitvormingsprocessen, met als doel een leefbare planeet voor iedereen. Emotionele dynamieken spelen een belangrijke rol in onze bereidheid hiertoe. Door middel van interviews, spreekuren en performances gaan we samen met parkbezoekers nadenken over de rol van emoties. De resultaten zullen helpen om het Zoöp-model te verbeteren en bewustzijn te creëren voor de rol van emoties in klimaattransities.
GORDIAN – GOvernance, Regulation and Design Integration to Accelerate and Negotiate Just Transitions
K.O. Dimitrova (Foundation We Are), F.C. Singleton-Clift (UvA), dr. ir. M Taanman (GovernEUR)
GORDIAN ontwikkelt en test een nieuwe transdisciplinaire methode om rechtvaardige klimaattransities te versnellen in juridisch complexe contexten. Aan de hand van drie praktijkcases rond infrastructuur in de haven van Amsterdam werken kleine teams van ontwerpers, beleidsmakers en juridische experts samen aan het ontrafelen van regelgeving, governance-vraagstukken en ontwerpuitdagingen. Door verbeeldingskracht, juridische legitimiteit en uitvoeringspraktijk in één proces te verbinden, onderzoekt het project hoe klimaatactie zowel sneller als rechtvaardiger kan plaatsvinden. Het project bouwt voort op de methodiek en praktijk van Foundation We Are en levert overdraagbare samenwerkingskaders, praktische inzichten en toegankelijke publieke output voor transformatieve klimaatpraktijken.
Imagining Climate Futures
LS van der Reijden (Beeld(ver)vormers), P Ardai (Stichting We Are Space), dr. B. Harms en F van Hettema (NHL Stenden Hogeschool), K Kakebeeke (Stichting Picture Bridge Foundation)
In Imagining Climate Futures creëren jongeren samen hoopvolle, praktische klimaattoekomsten, om zich zo de besluitvorming over een opwarmende planeet toe te eigenen. Als antwoord op UNESCO’s oproep om hoopvolle verbeelding te erkennen als een essentiële vaardigheid voor de 21e eeuw, doorbreekt dit project dystopische klimaatverhalen met positieve, uitvoerbare toekomstbeelden. Met participatieve methoden zoals photovoice, Future Ancestor Dialogue en de Climate Fresk versterkt het project Futures Literacy, agency en intergenerationele samenwerking. Het project ontwikkelt een openbare Toolkit, organiseert workshops in Den Haag en Leeuwarden, en publiceert visuele toekomstbeelden die betrokkenheid en concrete actie voor een rechtvaardige klimaattransitie wereldwijd stimuleren.
Indigenous Perspectives & Lived Experiences: Transforming Engineering Education Practice for Just Climate Transitions
M. Colis (Stichting MABIKAs, de Filipijnse Cordillera Verbinding in Nederland), drs. A.R. Gammon, drs. A Melnyk (TU Delft)
Het project onderzoekt hoe inheemse perspectieven, voortbouwend op Igorot Cordilleran-kennis, kunnen worden geïntegreerd in het ingenieursonderwijs in Nederland om bij te dragen aan rechtvaardige klimaattransities. Hoewel klimaatoplossingen vaak technologisch gedreven zijn, verschuiven zij in de praktijk sociale en ecologische lasten naar kwetsbare gemeenschappen en ecosystemen, met name bij de winning van kritieke grondstoffen. Door inheemse opvattingen over de
relatie tussen mens en natuur te benutten, ontwikkelt het project een methode die ingenieurspraktijk herdenkt en transformatief leren ondersteunt binnen klimaatgerelateerd wetenschapsonderwijs en ingenieursonderwijs. De methode is transdisciplinair, reflectief en praktijkgericht en combineert inheemse storytelling, praktijkervaring en toegepaste systeemanalyse binnen 90 minuten.
Lamentation for the Weather: Climate Justice in Amsterdam Noord
dr. C. Hermans (AHK), M van der Deen MA MSc (Weerproof), D van Dijck MA (De Muziekstraat)
Lamentation for the Weather onderzoekt hoe de Nederlandse gewoonte om over het weer te klagen kan uitgroeien tot een manier om collectieve pijn, rouw en onzekerheid in Amsterdam-Noord te verbeelden—een wijk die sterk wordt getroffen door klimaatonrechtvaardigheid en het minst wordt gehoord in het klimaatdebat. Door klimaatonderzoek (Weerproof), community art (Muziekstraat) en polyfone zangpraktijk (Conservatorium van Amsterdam) te combineren, verzamelt het project lokale ervaringen en vertaalt deze naar koormuziek. De muziek wordt door een lokaal koor ingestudeerd en uitgevoerd in de openbare ruimte, en vormt samen met een documentaire/promofilms en een methodologische gids een artistiek onderzoek naar klimaatonrechtvaardigheid.
Lessons for impactful & effective transdisciplinary research coalitions: the case of the Mapping Fossil Ties Coalition
A P Pereira (Solid Sustainability Research), H Arts (Stichting ter bevordering van de Fossielvrij-beweging), dr. M.C. Blondeel (VU), G. Schaafsma (LEI), dr. G. Dix (UT), S Roeters (Sjors Roeters producties), C Vetter (TU Delft)
Groeiende bewustzijn over de rol van de wetenschap in klimaatobstructie en de invloed van vervuilende industrieën heeft geleid tot grassroots-onderzoekscoalities. Hun transdisciplinaire onderzoek kan kennisinstellingen helpen om ongewenste invloed van industrie te voorkomen, academische vrijheid te beschermen en bij te dragen aan rechtvaardige transities. We bieden zulke onderzoekscoalities een toolkit, gebaseerd op onze ervaringen binnen de Mapping Fossil Ties-coalitie: academici, campagnevoerders en onafhankelijke onderzoekers die sinds 2023 banden tussen kennisinstellingen en de fossiele brandstofindustrie onderzoekt. Via workshops, een onderzoekshandboek en een academische publicatie delen we lessen over effectieve transdisciplinaire samenwerking en impact via activisme, journalistiek, beleid en wetenschap.
Mijn Weg met Warmte: A transformative dialogue method supporting residents in decision-making in the heat transition
dr. C.W. van Eck (UvA), mr. G. van Eck (Ecksplorer)
In veel woonwijken verloopt de overstap naar duurzame warmte traag, omdat gesprekken met bewoners vaak gericht zijn op techniek en kosten, terwijl besluitvorming ook onzekerheid, emoties en ervaren (on)rechtvaardigheid omvat. Mijn Weg met Warmte is een gespreksmethode die de diverse stemmen, spanningen en prioriteiten van bewoners expliciet maakt en afwegingen en vervolgstappen inzichtelijk maakt met visuele positiekaarten. Dit bevordert intrinsiek gemotiveerde, duurzame beslissingen en stelt gemeenten in staat hun beleid en ondersteuning strategisch af te stemmen. In samenwerking met de Gemeente Amersfoort wordt de methode doorontwikkeld, gevalideerd in diverse wijken en breed toegankelijk gemaakt via een toolkit, train-de-trainer en disseminatiepartners.
Reconfiguring Economies and Practices for Integrated Repair (REPAIR)
dr. K.R. Rossi (TU Delft), R.B. Buurman (Fair Resource Foundation), dr. F. Donati (UL)
Klimaatverandering wordt verergerd door de voortdurende productie van nieuwe producten, waarvoor grote hoeveelheden energie en grondstoffen nodig zijn en die steeds meer afval veroorzaken. Dit project helpt om inzicht te krijgen in hoe repareerbaar alledaagse producten werkelijk zijn en wat de waarde daarvan is. Door samen te werken met burgers en reparatiegroepen om producten veilig uit elkaar te halen en openlijk te delen wat er wordt gevonden, hopen we dat ontwerpers, bedrijven en beleidsmakers reparatie kunnen ondersteunen, het productontwerp kunnen verbeteren en uiteindelijk afval kunnen verminderen.
Sounds like Trouble: Designing Loss-of-Control Experiences for Climate Transitions
dr. W. Wiersma, prof. dr. J. Wallinga (WUR), dr. J.M. Chambers (UU), M Van Ree (Stichting Wageningen Environmental Research, WENR)
Klimaattransities vragen om meer dan technologische oplossingen; ze vereisen verschuivingen in de manier waarop mensen zich verhouden tot natuur. Dit project ontwerpt een bewust ontregelende ervaring op basis van geluid, die zal worden toegevoegd aan de tentoonstelling Only Planet, waarin routes naar duurzame toekomsten voor Nederland worden gepresenteerd. Via controleverlies worden bezoekers uitgenodigd om de spanningen van klimaatverandering te voelen, in plaats van direct op te lossen. Daarnaast verkennen wetenschappers en praktijkprofessionals hoe controlegericht denken duurzaamheidsinspanningen vormgeeft. Door kunst, wetenschap en reflexief onderzoek te verbinden, onderzoekt het project hoe diepere verbondenheid met en verantwoordelijkheid voor klimaatactie kan worden opgeroepen.
Testing Climate Figures with the IPCC: Transforming Design Practices for Inter-Cultural Accessibility
prof. dr. S.M.C. Niederer (HvA), T. Balder, A. de Jonge MSc, prof. dr. B. van den Hurk (Deltares), dr. L. van den Heijkant (UvA)
De IPCC-rapporten spelen wereldwijd een belangrijke rol in het klimaatdebat en -beleid. Toch zijn de wetenschappelijke figuren in deze rapporten voor veel mensen moeilijk te begrijpen. Dit project test een nieuwe, bottom-up aanpak om IPCC-figuren te ontwerpen en te verbeteren, waarbij wordt uitgegaan van de behoeften van verschillende publieksgroepen. We onderzoeken wat figuren begrijpelijk en toegankelijk maakt, testen nieuwe ontwerpen met diverse groepen burgers in zes landen en laten deze ook beoordelen door experts. De resultaten worden samengebracht in een praktische open access toolkit waarmee de IPCC en andere organisaties hun klimaatcommunicatie inclusiever en toegankelijker kunnen maken.
The Learning Together Program: Towards a Translocal Learning System for Collaboration between Municipalities and Community Initiatives
dr. W.A.H. Spekkink (EUR), L.A.C. Meddens (Klimaatverbond Nederland)
Gemeenten en burgerinitiatieven spelen een sleutelrol in de aanpak van klimaatverandering, maar samenwerken blijkt in de praktijk vaak lastig. Verschillen in werkwijzen, verantwoordelijkheden en verwachtingen monden vaak uit in frustraties aan beide kanten. In dit project ontwikkelen we een translocaal leersysteem waarin succesvolle samenwerkingspraktijken van burgerinitiatieven en gemeenten worden verzameld, gedeeld en verder ontwikkeld. Samen met lokale initiatieven, gemeenten, onderzoekers en het Klimaatverbond testen en verfijnen we deze praktijken in nieuwe contexten. Zo versterken we wederzijds leren en verbeteren we de samenwerking rond lokale klimaatopgaven, met als doel een eerlijkere en effectievere klimaattransitie.
Transition Dinners: Shared meals as a catalyst for constructive dialogue on sustainability transitions in polarised times
F.W. Melissen, L. Sauer (Breda University of Applied Science), J. Branderhorst, M. van Veldhoven, F Brouwer, E Huwaë (Goedzooi)
Hoe zorgen we dat klimaattransities tot verbinding tussen mensen kunnen leiden? Transitiediners bieden een antwoord: pop-up etentjes waar duurzaam eten de aanleiding is voor betekenisvolle gesprekken over gepolariseerde duurzaamheidsvraagstukken. Een zorgvuldig samengesteld menu en de juiste setting en begeleiding openen gesprekken die anders vast zouden lopen. Dit project ontwikkelt en valideert een bestaande culinaire methode welke leidt tot dialoog voor verschillende contexten in Nederland, waarbij we de methode systematisch testen, evalueren en breed toegankelijk maken via een toolkit. Door wetenschap (BUas) en praktijk (Goedzooi) te verenigen, creëren we een schaalbare aanpak voor constructieve dialoog die bijdraagt aan rechtvaardige klimaattransities.
Transition Treatment: General rehearsal for art-science collaborations in climate transitions
GJ Deuten, MAP Nooren (Stichting Gouden Haas), TIS Fransen, Mara de Pater (EUR DRIFT)
Transition Treatment ontwikkelt en systematiseert De Groene Kliniek, een kunst–wetenschapsinterventie die deelnemers uitnodigt zich een wereld voor te stellen waarin systemen falen en oplossingen niet werken. In het Amsterdamse Westelijk Havengebied, een gebied in transitie, fungeert De Groene Kliniek als een ‘veldhospitaal’ waar deelnemers uit routines stappen, onzekerheid omarmen, emoties onderzoeken en nieuwe reacties oefenen. Theatercollectief Gouden Haas en DRIFT werken samen om de methode, ontwerpprincipes en onderliggende logica expliciet te maken. Zo ontstaat een theoretisch onderbouwde, overdraagbare interventie die kunst en wetenschap combineert om duurzame en rechtvaardige transities te verkennen en te versnellen.
VSD-VvE: Value-Sensitive Design for Just and Sustainable VvE Renovations
LGK Spoormans (TU Delft), mk Dang (Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan Solutions), M de Vries (Populytics)
Veel woningen moeten verduurzaamd worden maar dit blijkt een moeilijk proces, zeker in VvE’s. Dat komt o.a. doordat renovatie vooral wordt benaderd vanuit technisch, financieel en expertperspectief. Daarbij worden niet alle stemmen gehoord en spelen waarden zoals gebruikerskwaliteit, esthetiek of autonomie geen rol. Daarom testen en valideren wij een waarde-gedreven ontwerpmethode (VSD) voor verdere ontwikkeling en toepassing in VvE’s. Dit betekent een systeemverandering door omkering van het huidige besluitvormingsproces. Door een transdisciplinair team van wetenschappers, maatschappelijke partners, gemeente Amsterdam en VvE’s garanderen we een breed gedragen en praktische methode, leidend tot betere en eerlijker besluitvorming en opschaling van duurzame woningrenovaties.
Water Playground
M.R. Mandemakers (Myrthe Mandemakers), N.E. Hendriks (WUR), A. Stoop (Anne Stoop)
Water Playground creëert een transformatieve tussenruimte waar waterprofessionals en artistieke ontwerpers experimenteren met ecocentrische benaderingen van waterbeheer. Play with Nature Lab biedt vier workshopdagen waar deelnemers creatieve methoden ontdekken en stappen zetten van waterbeheersing naar samenwerking met natuur. Het is belangrijk om waterprofessionals te helpen creatieve veranderaars te worden bij het aanpakken van overstromingen, droogte en biodiversiteitsverlies. Technische oplossingen alleen zijn onvoldoende voor het versnellen van de watertransitie. Een cultuurverandering is nodig in de omgang met watersystemen voor een duurzame toekomst. Wageningen Universiteit onderzoekt de ontwikkelde tools en zorgt dat de kennis gedeeld wordt binnen de watersector.
Bijeenkomsten
Om kennisdeling, samenwerking en zichtbaarheid te stimuleren organiseren we verschillende bijeenkomsten. We faciliteren actief het contact tussen aanvragers om elkaar en elkaars projecten beter te leren kennen, organiseren een inspirerende Wetenschap In Transitie‑bijeenkomst en sluiten het programma af met een intervisie.
Wetenschap in Transitie
De call ‘Fonds Duurzamer Onderzoeken’ en de subsidieoproep ‘Transformatieve werkwijzen en processen voor Klimaattransities’, maken onderdeel uit van de programmalijn Wetenschap in Transitie van het KIN en NWO. Binnen deze programmalijn kijken KIN en NWO naar nieuwe manieren van samenwerken, onderzoek doen en financieren, maar ook naar werkwijzen en processen die de dialoog tussen wetenschap en praktijk faciliteren, zodat transformatieve oplossingen kunnen ontstaan die de nodige transities versnellen.

